Klimaatverdragen

Internationale klimaatafspraken
De UNFCCC
Het eerste mondiale initiatief om gezamenlijk actie te ondernemen tegen het versterkte broeikaseffect werd genomen tijdens de in 1992 in Rio de Janeiro georganiseerde conferentie over milieu- en ontwikkeling, de UNCED. De deelnemers stelden het Wereldklimaatverdrag op, bekend als de UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change). De geïndustrialiseerde (Annex 1) landen verplichtten zich onder andere om hun uitstoot van broeikasgassen in het jaar 2000 te stabiliseren ten opzichte van de uitstoot van 1990. Hierna moest reductie volgen.
Tevens stelde men vast dat het versterkte broeikaseffect kosteneffectief bestreden kon worden door investeringen van Annex 1-landen in reductie en vastlegging van broeikasgassen in andere landen. (Download tekst, pdf 52 KB)

Het Kyoto Protocol
Als aanvulling op de UNFCCC werd in 1997 het Kyoto Protocol (download text, pdf 66 KB) opgesteld, waarin de meeste geïndustrialiseerde landen (Annex B) een verplichting aangingen om broeikasgassen in de atmosfeer te beperken. De afgesproken gemiddelde reductie is 5,2% ten opzichte van de emissies in 1990, te bereiken gedurende de periode 2008-2012 (de ‘commitment-periode’). Het Kyoto Protocol treedt in werking als ten minste 55 landen die het UNFCCC hebben ondertekend het protocol ratificeren. Onder die landen moeten er Annex 1-landen zijn die tenminste 55% van de broeikasgas-emissies in 1990 voor hun rekening nemen. In het Kyoto Protocol worden de 6 belangrijkste broekasgassen aangewezen met een onderling sterk verschillende werking. Om de vaststelling van de doeleinden te vergemakkelijken drukt men het effect van deze broeikasgassen uit in CO2-equivalenten.

Met het Kyoto Protocol kwam de maximale hoeveelheid broeikasgassen die een Annex 1-land mag uitstoten (Assigned Amount Units – AAU’s) vast te staan. De Europese Unie verplichtte zich 8% te reduceren ten opzichte van de emissies in 1990. De herverdeling binnen de EU leidde ertoe dat Nederland een emissiereductie-doelstelling van 6% heeft, overeenkomend met ongeveer 50 miljoen ton CO2-equivalenten per jaar gedurende de periode 2008-2012.

De flexibele mechanismen
In het Kyoto Protocol is beschreven dat Annex 1-landen hun emissiereductiedoelstelling voornamelijk binnen de eigen landsgrenzen dienen te verwezenlijken. Er zijn echter 3 innovatieve mechanismen afgesproken die Annex 1-landen kunnen helpen hun emissiereductiedoelstelling op kosteneffectieve wijze te bereiken. Dit zijn Joint Implementation (JI), Clean Development Mechanism (CDM) en Emissions Trading (ET).
JI betreft projecten die Annex 1-landen in andere Annex 1-landen uitvoeren met het oog op emissiereductie (bijvoorbeeld door energiezuiniger productie) of vastlegging (bijvoorbeeld door de aanleg van bos) van broeikasgassen. Dit levert Emission Reduction Units (ERU’s) op die het investerende land kan verrekenen met de eigen emissiereductiedoelstelling.
In CDM voeren Annex 1-landen projecten uit in ontwikkelingslanden met hetzelfde doel als in JI. CDM-projecten leveren Certified Emission Reductions (CER’s) op.
In ET kunnen Annex 1-landen AAU’s, ERU’s en CER’s met elkaar uitwisselen.

Er zijn verschillende energie providers op de markt, met verschillende voorwaarden. Wanneer uw huidige energie vergelijken wilt met andere aanbieders, denk dan ook na over zaken als groene stroom en betrouwbaarheid.

Nadere afspraken over hoe de flexibele mechanismen en onder andere bossen kunnen worden ingezet zijn te vinden in de Marrakesh Akkoorden, die zijn opgesteld tijdens de zevende klimaatconferentie in 2001 in Marokko.

Meer informatie over het UNFCCC, het Kyoto Protocol en de flexibele mechanismen, instellingen en procedures is te vinden op de UNFCCC website, in de UNFCCC-gids (pdf, 134 KB) en via de links-pagina.

De rol van het bos

De rol van het bos

De gemiddelde temperatuur op aarde is de laatste 100 jaar met 0,6 °C toegenomen, waarvan het grootste deel in de afgelopen 30 jaar. De stijging van de temperatuur wordt vooral toegeschreven aan een toename in de atmosfeer van de belangrijkste broeikasgassen: kooldioxide (CO2), methaan (CH4) en lachgas (N2O). Het belangrijkste broeikasgas is CO2 dat voor meer dan 65% een aandeel heeft in het versterkte broeikaseffect. CO2 komt vooral vrij bij het verbranden van fossiele brandstoffen, cement-productie en ontbossing.

Een grote hoeveelheid koolstof ofwel C (geschat 125 gigaton) wordt jaarlijks uitgewisseld tussen vegetatie, bodem en atmosfeer. Bossen zijn met een aandeel van 80% hierin verreweg het belangrijkst. Het evenwicht tussen afgifte en opname is inmiddels verstoord en zo heeft ontbossing tot nu toe voor zo’n 20-25% aan het versterkte broeikaseffect bijgedragen.

Behoud van bos

Jaarlijks verdwijnt bijna 15 miljoen hectare bos, waarvan het merendeel in de tropen. In volwassen bossen kunnen grote hoeveelheden koolstof zijn opgeslagen. Dit kan oplopen tot 1000 ton koolstof per hectare.

Na de boskap of brand kunnen deze hoeveelheden in één keer weer vrijkomen in de atmosfeer. Het zou vele decennia duren om de oorspronkelijk opgeslagen hoeveelheden weer terug te vangen uit de atmosfeer.

Behoud van bossen is daarom een buitengewoon effectief instrument om het versterkte broeikaseffect terug te dringen.

Stichting face

Welkom

De Stichting Face heeft als doelstelling om door bebossing en behoud van bos een bijdrage te leveren aan de vermindering van het versterkte broeikaseffect.

Face is in 1990 opgericht door de Samenwerkende elektriciteitsproductiebedrijven (NV Sep), maar sinds 2000 een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk. Inmiddels hebben wij ruime ervaring opgebouwd met bossen in relatie tot het versterkte broeikaseffect.

Face werkt samen met partners die daadwerkelijk in bos geïnteresseerd zijn en in staat zijn dit bos duurzaam te beheren. Een onafhankelijke organisatie certificeert de bossen en verifieert de hoeveelheden vastgelegde CO2.

Samen met de Triodos Bank en Kegado BV richtten wij in 2002 Business for Climate op. In 2006 is de naam gewijzigd in KlimaatNeutraal Groep. De KlimaatNeutraal Groep verkoopt o.a. de CO2-credits uit onze projecten. Met deze inkomsten zijn wij in staat om meer bos aan te leggen en te behouden.

Disclaimer: De Stichting Face is gestopt. Alle inhoud op deze website dient te worden gelezen in de verleden tijd.